De 12-jarige tweelingzusjes Stacha en Perle Zamorsky komen in september 1944 aan in Auschwitz-Birkenau. Door hun blonde haar en bruine ogen worden ze al snel opgemerkt door nazi-arts Josef Mengele. Hij is geïntrigeerd door de genetica van tweelingen en de afkomst van deze Arisch-Joodse (‘mischling’) tweeling in het bijzonder. Mengele besluit de zusjes meteen in zijn experiment te plaatsen.
De Australische Eleanor (Ellie) Shipley opent in het jaar 2000 een tentoonstelling over zeventiende-eeuwse vrouwelijke schilders. Eind jaren ’50 heeft ze zich als studente kunstgeschiedenis gespecialiseerd in vrouwelijke schilders uit de Gouden Eeuw en zich in het bijzonder toegelegd op Sara de Vos die in 1631 als eerste vrouwelijke schilder werd toegelaten tot het Sint-Lucasgilde. Niet alleen was Sara de Vos het onderwerp van haar omstreden proefschrift, ook heeft ze in haar studietijd het verzoek van de mysterieuze kunsthandelaar Gabriel Lodge aanvaard om Aan de rand van een bos (1636), het enige schilderij dat aan Sara de Vos is toegeschreven, te vervalsen. Aan de hand van enkele schimmige foto’s van het gestolen schilderij en een handvol bezichtigingen van het origineel, gaat Ellie aan de slag. Terwijl ze op haar studentenkamer in New York in het geheim aan dit project werkt, ontvouwt de roman zich in drie verhaallijnen: Ellie als studente in de jaren ’50, Eleanor als universitair docente en conservator in ’00 en als derde verhaallijn toont de roman stukken uit het leven van Sara de Vos in de Hollandse Gouden Eeuw.
De beste dagen van ons leven lijkt op het eerste gezicht een opmerkelijke titel voor een boek dat zich afspeelt rond de Tweede Wereldoorlog. De roman begint in de zomer van 1939 wanneer vijf schoolvrienden, die elkaar drie jaar niet hebben gezien, een fietsreis naar Luxemburg maken. Deze vakantiedagen zullen de beste dagen van hun leven worden, daar zijn ze allemaal van overtuigd. Gespannen maar verheugd wachten ze ieder op de Waalbrug op het weerzien. “Met oude vrienden de nieuwe brug over, met het verleden de toekomst in, een week lang terug- en vooruitkijken ineen,” zo laat Céline Linssen (1958) één van de jongens de reünie al vroeg in de roman zorgvuldig omschrijven en gunt daarmee de lezer een eerste blik op haar diepzinnige schrijfstijl.
Wat deze recensent aanvankelijk het meest aantrok om de meer dan duizend pagina’s tellende The Pillars of the Earth van Ken Follett te lezen, was het idee van een historische roman die zich afspeelt op een fictieve plaats. Terwijl Kingsbridge is verzonnen, ontvouwt het verhaal zich daar rondom enkele historisch correcte gebeurtenissen en personages uit de geschiedenis van de 12e eeuw.
