De stad der blinden: dystopische roman laat je blind starenLeestijd: 3 min.

15 februari 2016

Titel: De stad der blinden
Originele titel: Ensaio sobre a cegueira
Auteur: José Saramago
Uitgeverij: Meulenhoff
Vertaling: Harrie Lemmens
Genre: Literatuur, Dystopie
Bladzijdes: 304
Uitvoering: Hardcover
ISBN: 978-90-290-7725-5
Prijs: 16,99
Sterren: 5/5

De stad der blinden: Saramago’s schrijfstijl

De stad der blinden (1995) van José Saramago verhaalt over een besmettelijke blindheid die plotseling uitbreekt in het hart van Lissabon. De epidemie verspreidt zich snel door het land en de getroffenen worden in kampen geïsoleerd van de samenleving, waar de omstandigheden verre van comfortabel zijn (iets wat enigszins doet denken aan WOII). De regering probeert hiermee een verdere verspreiding te voorkomen, maar dit blijkt al snel tevergeefs – langzaamaan verspreidt de besmetting zich over de hele wereld. De blindheid wordt steeds meer gevreesd en blinden onderling verkeren in barre omstandigheden en stuiten op verschillende machtsproblemen, waarin het recht van ‘de sterkste’ een belangrijke rol gaat spelen.

Naamloos

Saramago weet de blindheid goed over te brengen aan de ‘ziende’ lezer. De personages zijn naamloos, beperken zich tot flat characters: ze worden enkel gekenmerkt door een oppervlakkige beschrijving van hoe de mensen elkaar zagen toen ze nog niet blind waren. Het verhaal wordt gevolgd via het zicht van De Vrouw van de Oogarts, die haar getroffen man niet wil achterlaten en besluit om met hem mee te gaan naar het kamp. Het verlies van de eigen identiteit van de personages zorgt voor open plekken in de roman en creëren blinde vlekken bij de lezer. Net als de blinden ben je als lezer afhankelijk van De Vrouw van de Oogarts, die niet alleen de blinden maar ook jou als lezer door het verhaal heen sleept.

Woordenstroom

Saramago maakt gebruik van een volle bladspiegel – de zinnen zijn lang, lopen in elkaar over en zijn indirect. Deze constante stroom van woorden dompelt de lezer onder en de verwarring van de blinden wordt zo ook voor de lezer goed voelbaar. Als lezer tast je een beetje in het duister evenals de blinden in de roman.

Interpunctie

Saramago’s schrijfwijze kenmerkt zich nog het meest door de afwijkende interpunctie. Aanhalingstekens worden meestal weggelaten en alleen de hoofdletters kondigen een nieuwe dialoog aan. Het ligt niet meer voor de hand wie wat zegt, omdat dialogen zomaar ophouden en over kunnen gaan op de schrijverstekst. De lezer wordt zo gedwongen om opnieuw te ‘leren’ lezen wat het leesproces vertraagd.

“I think we are blind, blind people who can see, but do not see”

Verfilming

Hoewel het al een tijd geleden is dat ik dit boek heb gelezen, is het bij mij erg blijven hangen. Saramago neemt je met zijn schrijfstijl mee in zijn beklemmende wereld, iets wat in de verfilming uit 2008 door Fernando Meirelles natuurlijk wel ontbreekt, maar de kijker toch met een ongemakkelijk gevoel achterlaat zoals het boek dat met de lezer ook doet. De verlate verfilming past bovendien slim in de toen opkomende trend van dystopieën (onder leiding van Suzanne Collins’ The Hunger Games). De herleving van Saramago’s roman uit de jaren ’90 lijkt in een tijd waarin bijna iedereen zich ‘blind’ staart op beeldschermen relevanter dan ooit. In de roman is alleen De Vrouw van de Oogarts in staat om alle gruwelijkheden, die de epidemie met zich meebrengt, te aanschouwen. Het is uiteindelijk dan ook vooral de vraag wie het slechter hebben getroffen: de blinden of de zienden?  Saramago geeft ons daarop het volgende antwoord:

“The only thing more terrifying than blindness is being the only one that can see.”

Geef een reactie op dit artikel

avatar

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  Abonneer  
Abonneren op
%d bloggers liken dit: