Personage Nur Marek uit Na de regen en Grond staat in het (op zichzelf staand te lezen) vierde boek van schrijver en audiomaker Eva De Groote (die ook Vrouw, Wildevrouw, Wijzevrouw schreef) opnieuw centraal. In Nevelwandelaar is Nur een zesendertigjarige bio-ingenieur die haar baan in een laboratorium heeft opgezegd om op het Vlaamse platteland te gaan wonen. Het trainen van AI-agent Zapaya zet ze voort, maar Nurs nieuwe leven draait al snel om het onderdompelen in de natuur, zelfvoorzienend leven en de folklore van de dorpelingen rondom de afgelegen vierkantshoeve die ze betrekt. ‘Geen elektronische sleutel hier maar een uit de kluiten gewassen metalen exemplaar’ benadrukt Nur bij aankomst de nieuwe levensstijl die ze zichzelf vol overtuiging heeft aangemeten. De moestuin, het lokale winkeltje, de kleine bibliotheek met ‘uitgebreide lectuur over energetisch werk’, het atelier van Wilg en het magische Toveressenpad met de mysterieuze Egelvrouw brengen Nur langzaam dieper in contact met zichzelf.
Amsterdam, 1937. Eddaline (Edda) van der Valk is een getalenteerde ballerina die onder de strenge begeleiding van Miss Sterling van het Amsterdam Ballet Theater de hoofdrol danst in beroemde stukken als De Notenkraker en Het Zwanenmeer. Aan het begin van The Crystal Butterfly van Hannah Byron bereidt Edda zich voor op een belangrijke opvoering in het Koninklijk Theater Carré. Edda leeft voor ballet, een droom die ze niet kan delen met haar fascistische ouders. Zij zien haar liever als erfgenaam van het invloedrijke Van der Valk imperium. Wanneer Edda een jaar later getroffen wordt door een tragisch ongeluk en een flinke tijd niet mag dansen, sturen haar ouders haar naar Madame Paul’s finishing school Le Manoir in het Zwitserse Lausanne. Hier maakt Edda kennis met toekomstige verzetsheldinnen Océane Bell (The Parisian Spy) en Esther Weiss (The Norwegian Assassin). Terwijl Edda etiquette-lessen volgt en langzaam herstelt, blijft ze dromen van een succesvolle carrière als ‘prima ballerina’.
Hermann ‘Manno’ Loch is kunstrestaurateur bij het Frans Hals Museum wanneer hij in 1948 een brief toegestuurd krijgt. Het voor hem zeer bekende handschrift zorgt ervoor dat herinneringen aan een veelbewogen verleden zich aan hem opdringen. Het plotselinge verlies van zowel zijn moeder als zijn oma, bracht Manno aan het begin van de twintigste eeuw als tienjarige jongen noodgedwongen vanuit het Hollandse Haarlem naar Wenen. In deze Oostenrijkse hoofdstad werd hij opgevangen door zijn grillige tante Edmonda. Daar groeide hij op in de woelige jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. Narcis van Judith Fanto volgt Manno’s coming-of-age in het interbellum en zijn volwassen leven na de Tweede Wereldoorlog. Centraal in de historische roman staan de vriendschappen die Manno als elfjarige jongen sluit tijdens een zomerkamp. De vijf leeftijdsgenoten die samen met hem de opeenvolgende jaren een vriendengroep van zes zal vormen, hebben allemaal hun eigen achtergrond en bijbehorende problemen. Worstelingen die in de jaren van de opmars naar de Tweede Wereldoorlog steeds meer breuklijnen in de hechte vriendschappen zullen veroorzaken.
‘We hadden het gevoel alsof we al het vacuüm dat er in de kosmos te vinden is in één keer hadden ingeslikt.’ Twee jonge mannen worden geveld door een onbedaarlijke honger en besluiten samen een bakkerij te overvallen. De roof neemt een bijzondere wending wanneer de bakker de mannen een verrassend voorstel doet. De broodjesroofverhalen van Haruki Murakami is opgedeeld in twee verhalen: De broodjesroof en De tweede broodjesroof. Gewapend met messen hebben de kameraden in het eerste verhaal hun zinnen gezet op de lokale bakkerij: ‘Hoe sterker de geur van brood werd, des te sterker werd ook onze aandrang om Kwaad te doen.’ Dat de bakker een kale vijftiger en bovendien communist is, werkt voor de mannen extra motiverend: ‘We overvielen een bakkerij én we overvielen een communist’. Aan een van de mannen blijft nadien een vloek kleven die hem jaren later in De tweede broodjesroof aanzet om opnieuw een overval te plegen.
Zestiger Anton zit in een dip nadat zijn vrouw hem verlaten heeft, hij zonder werk zit en zijn vader voortdurend kritiek op hem uit. Bijna zestiger Marieke heeft het ook niet makkelijk nu haar eigen liefdesleven in het slop is geraakt en haar dochter na een verbroken relatie weer bij haar is komen wonen. In Piaggio, het Boekenweekgeschenk van Hendrik Groen, kruisen de paden van de twee op het vijftigste verjaardagsfeest van Antons zus. Een ongemakkelijk gesprek en enkele glazen rosé en bacardi-cola later, besluiten Anton en Marieke in een Italiaans autootje de Alpen over te gaan – een roadtrip die Anton tot zijn grote spijt nooit gemaakt heeft. ‘Ik maak altijd keuzes waar ik later spijt van krijg’, verzuchtte Marieke eerder die avond terwijl ze hardop terugdacht aan haar exen. Zal de reis met Anton haar volgende verkeerde keuze worden?
In Kruisende lijnen van Junichiro Tanizaki doorbreekt Sonoko haar burgerlijk bestaan door een workshop schilderen te volgen. Tussen de verftubes, penselen en smetteloze doeken ontmoet ze Mitsuko. Deze aantrekkelijke verschijning beneemt niet alleen de mannelijke cursisten de adem, maar ook de onervaren, recent gehuwde Sonoko. En laat het nu juist Sonoko zijn op wie Mitsuko haar zinnen heeft gezet. Voor ze het weet, raakt de gehuwde Japanse verwikkeld in het zorgvuldig uitgesponnen psychologisch web van Mitsuko. Wat volgt is een complexe vierhoeksverhouding tussen Sonoko, haar man, Mitsuko en Watanuki; de sluwe ‘vriend’ van Mitsuko. Tanizaki fungeert nog altijd als een van de belangrijkste auteurs van de moderne Japanse literatuur. Gesitueerd in het Osaka van de jaren 20 van de vorige eeuw vond Kruisende lijnen haar weg naar Nederland in de jaren 80. Met de heruitgave van L.J. Veen Klassiek is het tijd om bookstagram en booktok opnieuw kennis te laten maken met dit westers aandoende werk uit het verre Oosten.
In Bellagio en Malibu wisselde Nan Adams de bewogen geschiedenis van de familie Dara af met het grootse feest in het Zuid-Franse Antibes ter ere van Beatrice, de honderdjarige ‘mater familias’. In Mayfair is het feest ten einde, maar de gebeurtenissen worden in dit derde deel van de Alfa-vrouwen serie voortgezet in Londen. Geraldine – tegenwoordig Gerry –, haar moeder Charlene en grootmoeder Beatrice verblijven in het luxe hotel The Ritz, dicht bij veilinghuis Sotheby’s waar Alfa Romeo de ‘Caramba’ is ondergebracht. Na het lezen van de dagboeken van Charlenes dood gewaande zus Chantal is het zeker: de oldtimer vormt de spil van het duistere web waar de Dara’s de afgelopen decennia in verstrikt zijn geraakt. Het gevaar is anno 2022 nog steeds niet geweken. Mayfair neemt de lezer mee in de spannende ontknoping van het familieverhaal waarbij niet alleen de Dara-dynastie, maar de hele wereld gevaar loopt.
Joan Goodwin is een succesvolle professor astronomie, maar wanneer NASA een advertentie uitzet om ambitieuze mensen voor hun prestigieuze ruimtevaartprogramma te werven, overweegt ze een carrièreswitch. Tot haar grote verbazing wordt ze door NASA uitgenodigd. Na een reeks testen wordt ze als een van de weinige vrouwen toegelaten tot het programma. Taylor Jenkins Reid situeert haar nieuwste roman Atmosphere in de jaren 80 van de vorige eeuw. Joan belandt in een uiterst competitieve omgeving waar ze niet alleen geconfronteerd wordt met haar vrouw-zijn, maar ook met haar sluimerende gevoelens voor mede-kandidate Vanessa Ford. De complexiteit die deze ingrediënten opleveren, vormen inmiddels de vaste formule van Reids schrijverschap. Ambitieuze vrouwen die zich staande weten te houden in een mannenwereld zagen we onder meer in De zeven echtgenoten van Evelyn Hugo en Carrie Soto is Back. Waar deze boeken de showbizz en de sport in de spotlight zetten, duikt Atmosphere in de ondoorgrondelijke wereld van de ruimtevaart.
